bijbellezen

Duivel en boek

Op de kaart twee van staven uit de Bruegel Tarot werken twee mannen met beitels en hamers aan een houten huis. Eén van beide mannen kijkt melancholiek in de verte, waarbij zijn blik over een boek glijdt. Het boek is in zijn blikveld, maar hij kijkt eroverheen.

        
Ik heb deze kaart getrokken voor ‘ik en mijn boek’, een boek over bijbellezen met tarot. Daar heb ik na een lange winter vol cursussen en allerlei projecten, nu dan toch eindelijk tijd voor vrij gemaakt. Ik kijk er nog wat overheen, over dat boek.

Ik trek een tweede kaart, een kaart voor een ‘advies’. Dat heb ik wel nodig, na deze eerste kaart. Het advies is de Kracht.

          

Mijn oog valt het eerst op de enge rode duivel. Dat is mijn angst die mij aanstaart: “Kan ik het wel?” “Slaat het wel ergens op?” Die angst maakt het moeilijk om het boek werkelijk te zien en me te verbinden met het werk dat gedaan moet worden. Ik zie mijn angst en niet het boek.

De vrouw kijkbindt met ferme hand haar duivel vast. Dat heb ik ook te doen.