De Twaalf dagen, dag 5

Vandaag is het Het Feest van de Dwazen. Het Feest van de Dwazen stamt uit de Romeinse tijd. Het is een omkeerfeest. Meesters dienden hun slaven. De gemeenschap feestte, gokte en dronk. In Engeland werd in de middeleeuwen op het Feest van de Dwazen een ‘Boy Bishop’ gekozen. Dit was een jongen die voor enige tijd de bisschop’s plaats innam. Ook hier is sprake van een omkering.

Mijn kaarten moedigen mij vandaag aan op een dwaze manier naar mijzelf en mijn situatie te kijken. Ik verkrijg mijn kaarten daarom ook op een ongebruikelijke manier. Ik haal de Dwaas uit het spel en stop hem weer terug. Dan schud ik de kaarten. De kaart die voor de Dwaas ligt, is de kaart die mijn probleem aangeeft. De kaart die daar ligt is de Maan. “Alweer!”, zucht ik. De Maan achtervolgt mij al een half jaar. Mooi is ‘ie wel in The Christmas Tarot, zacht van kleur. Het meisje op de kaart verlicht het pad vlak voor haar, maar ver kan ze niet zien. En dat is nu precies het probleem. 

         

Ik ga nu naar de kaart die achter de Dwaas ligt. Die symboliseert de oorzaak van het probleem. Het is de Gehangene, verbeeld door een kerstklok. “Raak!”, denk ik, als ik de kaart zie. “Ik ben gehangen. Ik weet niet wat te doen.” 

          

Nu komt de belangrijkste kaart. Wat is nu een dwaze benadering van mijn situatie? Daar trek ik een nieuwe kaart voor. De kaart die ik trek is de Wereld. Het is een schattig kerstmeisje met hulsttakken in haar hand waar ze overheen stapt. De Wereld is de laatste kaart in de tarot. Het is een kaart van afronden en een nieuwe ronde beginnen. “Zie het als een nieuw begin”, fluistert het meisje in mij oor. Tja en dat ik dan niet zier wat er verder is dan vlak voor me uit, is misschien helemaal niet zo erg.