Verraad hoort bij pionieren

Verraad hoort bij pionieren. Als pionier moet je geliefde vormen en tradities en geloof van een moedergemeente durven verlaten als het nodig is om aan te sluiten bij een doelgroep.

Christus zit tussen de kerkgangers als daar in die gemeente op zondagochtend de schaal met brood aan elkaar wordt doorgegeven. Tenminste dat voelt zo, omdat we dit zo kennen. Hij wordt bezongen, bepreekt in woorden die we begrijpen en waar we van houden. Hij is het liefdevolle centrum van bijna elk kinderverhaal. Zo bestaat Christus in de harten en hoofden van de mensen. Trouwe gemeenteleden begrijpen niet dat je als pionier zoiets als ‘maanvieringen’ organiseert, want dat deden de heidenen.

Als pionier leven we in twee werelden. In de wereld van de kerk en in de wereld van de doelgroep, die niets heeft met zo’n schaal en met een zondagmorgen, met kerkbanken en Christus die daar tussen de mensen zit. Die doelgroep bestaat uit mensen van buiten de kerk aan wie we geloof willen doorgeven. Zij worden misschien zoals ik, iedere maand middels een Facebookevent uitgenodigd voor vollemaanvieringen, georganiseerd door een coach of een therapeut. Ze worden misschien wel geraakt door het mysterie van het bestaan. En willen, wie weet, ook wel onze vorm van een maanviering meemaken. Daar gaan wij als pioniers in mee.

Laag-Javaans

De zendeling J.H. Bavinck (1895 - 1964) sloot nauw aan bij de gewoontes in Java. Belangrijke bijeenkomsten vonden niet op de veranda plaats waar gasten gewoonlijk werden ontvangen, maar binnen in het huis, want dat was de plek van de huisgenoten. Die intieme plek betekende dat ze als broeders en zusters bijeen waren. Ze spraken dan laag-Javaans, een taal die binnenshuis gebruikt werd. Ook werkte Bavinck met symboliek die voor Javanen belangrijk was. Met het getal vijf bijvoorbeeld, voor hen een heilig getal. De bijbelstudiegroepen bestonden uit vijf leden, en hij maakte gebruik van de vijf letters van het woord ‘prabda’, glans. Elk van deze letters stond voor een belangrijke houding in het geloofsleven. Net als Bavinck zijn wij pioniers zendelingen. We sluiten aan bij onze doelgroep en proberen hun taal te spreken.

Maar Bavinck zat ver weg met als enig communicatiemiddel de posterijen. Wij zitten vlak in de buurt van de zendende gemeente. Wat we doen levert conflicten op. Vragen aan kerkenraad. Bezoeken die gebracht moeten worden aan boze gemeenteleden. Mensen die hun kerkelijke bijdrage inhouden of daar mee dreigen. Voor ons pioniers is dit moeilijk te verdragen. We doen ons werk ook voor de kerkgangers en hun kinderen, we proberen het geloof levend te houden. En het is bedreigend voor de pioniersplek. De geldkraan kan na een paar jaar dicht gaan.

Vrucht van verraad

En toch is het nodig dat we nauw aansluiten bij de doelgroep om tot werkelijk nieuwe vormen te komen, die onkerkelijken bereiken. Ook als we nog niet zo weten op welke manier Christus in onze maanviering te vinden is. Wanneer we als pioniers verraad plegen, dan verraden we de gemeente die ons zendt, de mensen met de schaal met brood op de zondagochtend. We verraden niet de christelijke traditie als geheel. Kerk en traditie worden verrijkt door verraad: door spanning, verloochening, door nieuwe en andere benaderingswijzen die haaks staan op wat er zoal geloofd en beleden wordt. Contact met mensen van buiten de kerk kan verrijkend zijn, juist omdat ze zo anders zijn. In Breda heb ik een kleine drie jaar gewerkt met ‘nieuwe spirituelen’. Een vrucht van contact met hen is hernieuwde aandacht voor het wonder. Wij hebben daar, door de Verlichting getekend, moeite mee, maar voor nieuwe spirituelen is dat iets wezenlijks. Voor de pioniersplek Noorderlicht Breda is een traditioneel beeld van een Zwarte Madonna omgevormd tot een beeld dat huilt voor vrede. Het staat in de Lutherse Kerk in het centrum van Breda, die geopend is voor toeristen. Beeld en sokkel zijn bedekt met tranen en in die sokkel kunnen mensen hun vredeswens achterlaten. Het beeld is een materieel voorbeeld van traditievernieuwing: een nieuwe vorm van het Kyriëgebed, een toevoeging aan de devotietraditie van Zwarte Madonna’s. Winst van contact met nieuwe spirituelen kan ook aandacht voor de dans zijn, voor lichamelijkheid, aandacht voor zintuigelijke ervaringen. Zo heeft elke doelgroep ons iets te bieden. Pioniersplekken verrijken de traditie.




Hoge prijs

Maar verraad heeft een hoge prijs. Met verraders loopt het niet goed af. Judas hing zich op, nog voor de nacht waarin hij Jezus overleverde voorbij was. Volgens de overlevering keerde Petrus om naar Rome om daar gekruisigd te worden. Alleen maar om te voorkomen dat hij Jezus opnieuw zou verloochenen. Verrader te zijn is niet benijdenswaardig. Quo vadis? Een goede vraag: waar ga ik heen?

Op dit moment ben ik samen met een initiatiefgroep een nieuwe pioniersplek aan het opzetten in Kennemerland voor nieuwe spirituelen. Het is een diaconaal project voor mensen in achterstandssituaties, met name vrouwen. Ik merk dat gedachten aan verraad blokkeren. Mijn energie verdwijnt en het valt me zwaar. Ik wil het liefst over de gedachte aan verraad heen vlinderen, teruggaan naar de onbevangenheid waarmee ik ooit begon. Ik begrijp dat er weerstand is, maar ik vraag me toch af, zou het anders kunnen?

Pioniersplekken komen voort uit een plaatselijke gemeente, maar ze bestaan naast deze gemeente. De twee gemeenschappen hoeven niet samen te vieren of samen deel te nemen aan dezelfde activiteiten. Daarmee is de mogelijkheid geschapen dat zo’n gemeenschap werkelijk anders is dan de zendende gemeente, qua vormen en gezindheid.

In de paasnacht

Ik maakte dit jaar de paasnachtwake mee in de Dorpskerk van Santpoort Noord. In een donkere kerk werd de paaskaars binnengebracht. Ik had verwacht dat degene die de kaars binnen bracht, voor ons langs zou lopen, zodat we de kaars goed konden zien. Maar dat deed ze niet. Ze liep achter ons langs, achter de laatste rijen stoelen waar niemand zat, vlak langs de achtermuur van de kerk, het uiterste randje van ons bij elkaar. Het leek daar nog donkerder dan in het midden. Het voelde als begrenzing, wij samen bij elkaar. Maar het voelde ook als ruimte maken. Bij onze grenzen, in die donkere schaduwen achter ons, waar niemand naar keek en waar we helemaal niet mee bezig waren, daar kwam het licht van Christus, fel en krachtig.

Verliezen /Maar werkelijk verliezen / Om ruimte te maken voor de vondst. Zo klinkt het gedicht van Apollinaire dat model staat voor het concept van de trouvaille, de onverwachte vondst. De afgelopen jaren heb ik gepoogd om te pionieren vanuit dit concept. Om me te laten verrassen door wat ik vond bij mijn doelgroep en daar mee aan de slag te gaan. Het concept komt van de kunstenaar André Breton, die op de vlooienmarkt liep en iets anders vond dan hij verwachtte en die blij was met wat hij gevonden had, al was het nog zo weinig waard. Je vindt zo’n trouvaille alleen als je durft te verliezen. Of een gemeente dit durft is niet aan ons pioniers. Tot die tijd verraden we ze keer op keer.

Geleid door de trouvaille

Maar stel je nu toch eens voor, dat er zo’n gemeente is, die dat doet. Die beseft dat ze niet zal vinden wat ze zoekt. Stel je voor dat er een gemeente is die geleid wordt door de trouvaille. Ze hebben een gebrek aan nieuwe leden en nauwelijks nog een kind op de zondagmorgen. Op Paasochtend zingen ze: “De steppe zal bloeien”. Daar geloven ze hartstochtelijk in, met z’n allen. En dat geloof houdt hen bijeen. Maar er is meer. Ze zijn ook nieuwsgierig. Ze volgen met hun ogen de paaskaars die het donker klieft langs de achtermuur van de kerk. Ze lopen als André Breton op de vlooienmarkt in Parijs en zien vooruit naar een vondst, niet veel waard maar wel van grote betekenis: “Wie weet wat we vinden. Wie weet op welke manier het geloof door kan gaan in de harten van de mensen.”

Ik hoop dat plaatselijke gemeenten ruimte bieden aan pioniersplekken met hun nieuwe doelgroepen, en ze willen dragen. Maar ik weet, pioniersplekken zijn kwetsbaar in hun handen. Het is daarom van belang dat de landelijke kerk zich ondubbelzinnig achter dit initiatief blijft scharen en de pioniersplekken ruimhartig blijft steunen. Geloof moet worden doorgegeven. Pioniersplekken dragen daar aan bij.

In: Geruchten, no. 46, oktober 2015, p.5-7.

Posts from This Journal by “noorderlicht breda” Tag