Paasei

Tarotlegging bij het San Damianokruis

Het San Damianokruis hangt in Assisi. Het komt uit de twaalfde eeuw en is beroemd omdat Franciscus het hoorde spreken. Christus lijdt niet op dit kruis. Hij kijkt met grote ogen de wereld in en houdt zijn armen open. Het beeld troost en moedigt aan om nieuwe, onbekende wegen te gaan. Ook wegen die je zelf niet kiest.

            


De vragen voor de kaarten in deze tarotlegging zijn geïnspireerd door de symboliek van dit kruis. Ze zijn meditatief en poëtisch, om even bij stil te staan als je een kaart getrokken hebt. Trek en duid de kaarten één voor één en maak je eigen paasmysterie mee.

Rechtop
Jezus staat rechtop, niet als iemand die op het kruis is vastgespijkerd. Dit geeft je kracht.
Wat is de kracht die ik kan aanspreken als ik lijd?

1. Voeten
Zijn voeten droegen Jezus op zijn weg door het leven. Maar nu kan hij niet meer verder. Hij moet het nemen zoals het komt.
Hoe kan ik ‘laten zijn wat er is’ als ik lijd: wanneer ik pijn heb of mij zorgen maak?

2. Ogen
De ogen van Jezus zijn wijd open: hij kijkt uit over de wereld, zonder oordeel. Dit nodigt uit om boosheid over onrecht wat ons is aangedaan, te laten gaan.
Waar blijf ik boos om?

3. Wond in de zij
De wond in de zij van Jezus is de wond van ons allemaal. Je ziet de wond, maar hij valt niet erg op. De wond hoeft niet centraal te staan, maar hij hoeft ook niet verborgen te worden.
Wat te doen met mijn wond die niet zal helen?

4. De bijfiguren
(links en rechts, klein onder het kruis) Longinus: Romeinse soldaat die met zijn lans de zijde van Jezus doorboorde. Stefanus: de naam van de soldaat die Jezus een spons in zure wijn aanreikte, toen hij riep: “Ik heb dorst.” Zij maken het lijden lichter, en sporen ons om dat te doen voor onszelf en anderen.
Wat helpt om mijn lijden, mijn verdriet, boosheid, mijn pijn te verlichten?

5. Johannes en Maria
(voor ons links onder het kruis) Maria en Johannes staan naast elkaar. ‘Dat is je zoon, dat is je moeder’ zei Jezus tegen hen bij het kruis. Johannes en Maria nodigen ons uit om voor elkaar te zorgen.
Wie heeft mijn aandacht nodig?

6. Maria (van Klopas), de moeder van Jacobus
(voor ons rechts onder het kruis in het midden) Maria van Klopas zag van een afstandje toe bij de kruisiging. Maria van Klopas helpt om te verdragen wanneer iemand pijn heeft en je niks kan doen.
Wat helpt mij om de pijn en het verdriet van mensen dichtbij en ver weg te verdragen?

7. Armen
De armen van Jezus zijn open, zoals ze zijn hele leven open zijn geweest: voor de tollenaar Zacheüs, voor de vrouw bij de bron en voor de overspelige vrouw.
Met wie ik heb ik moeite, maar heeft mijn open armen nodig?

8. Maria van Magdala
(voor ons rechts, het dichtst bij het kruis) Maria van Magdala ziet als eerste dat Jezus niet meer in zijn graf ligt en ze ontmoet hem. Maria van Magdala helpt ons te geloven in het goede dat onmogelijk kan gebeuren.
Wat is mijn grote verlangen waarin ik niet durf te geloven?

9. Lege graf
Achter de armen van Jezus is een zwarte rechthoek te zien: het lege graf. Dat voert je mee het nieuwe, onbekende mooie leven in.
Waar ga ik heen?

10. Engelen
De engelen onder en naast de armen van Jezus zijn de wachters bij het graf die zeggen: ‘Waarom zoekt u de levende onder de doden?’ Ze helpen je in het wonder van het nieuwe leven te geloven.
Wat helpt mij geloven in het goede van het nieuwe en onbekende?

11. Honderdman en zijn zoon
(voor ons rechts onder het kruis) De Honderdman en zijn genezen zoon (kijkt over zijn schouder) zijn blij om de genezing van de zoon. Ze helpen ons te herinneren aan onverwachte wonderen.

Welk wonder is mij overkomen?

12. Het medaillon
(bovenin) Jezus stapt in het ronde medaillon van de aarde naar de hemel. Hij wordt daar verwelkomd door engelen. Hier is geen pijn meer.
Welk moois gebeurt mij in de hemel?

13. De hand van God
(helemaal bovenin) God zegent zijn zoon en hij zegent de wereld.
Waarin ben ik gezegend?

14. De haan
(onder de knieën rechts) Kraaide bij de verloochening. De haan roept ons wakker, iedere dag is een nieuw begin.
Wat roept mij wakker?

Berthe van Soest, Goede Vrijdag 2012