Sukkah

Sara in de loofhut

Het is Loofhuttenfeest, een joods feest waarin zelfgebouwde hutten centraal staan In die hutten, in de tuin of op het balkon, wordt iedere dag gegeten, vaak samen met gasten. Ook bijbelse voorouders worden uitgenodigd. Vroeger waren dat uitsluitend voorvaders (ushpizin): Abraham, Isaac, Jacob, Jozef, Mozes, Aaron en David. Tegenwoordig zijn het ook voormoeders (ushpizot): Sarah, Miriam, Deborah, Hanna, Abigail, Hulda en Esther. Om de beurt staat één van hen centraal.

De loofhut doet denken aan de tijd waarin het volk Israël door de woestijn trok en in simpele hutten woonde, die iedere dag opnieuw opgebroken werden. Zo’n simpele hut brengt je in contact met de kwetsbaarheid van het leven, met vertrouwen op God en met wat echt van waarde is.

Iedere avond nodig ik de bijbelse voormoeders uit en vraag hen om de beurt om een onderwijzing. Vandaag vraag ik Sara: "Wat is je onderwijzing voor mij op deze avond?"

Op de kaart die ik trek als haar onderwijzing, staat een vrouw die frank en vrij de wereld in kijkt, het is de koningin van staven. 

            

Sara was juist niet vrij. Ze was gebonden aan de strenge regels van haar cultuur die haar één taak gaven: het baren van een zoon. Gemakkelijke leraren zijn de voormoeders niet. Dit jaar brengt Sara mij in contact met dat wat mij onvrij maakt. Ze geeft me de onderwijzing:

“Belemmer jezelf niet. Wees frank en vrij.”

Bij iedere gast hoort een levensgebied (sefira) van de kabbalistische levensboom en een deugd. Bij Sara is dat Chesed, dat betekent barmhartigheid en is tegelijkertijd de deugd die bij haar hoort. Barmhartigheid is een bron die vrijgevig stroomt. Op mijn kaart is dat de felle zon. Die is warm, licht en is er altijd. De zon in de rug geeft mij de kracht en het optimisme om frank en vrij te zijn.

Teachings of the Sukkah (ladyofthemoor)